Onderbroekenlol
Weet je wat ik wel eens zou willen?

Marie H. Boddaert
Weet je wat ik wel eens zou willen?
Mijn liefde en ik hebben de gewoonte te dag met koffie te beginnen in mijn werkkamer.
Een regenachtige loop door duingebied
Mijn lieve tante is al een aantal jaar overleden en mijn nichtjes en ik hebben een paar spulletjes te verdelen, voornamelijk sieraden en kleine snuisterijen.
Mijn liefde gaat meedoen met de 10 km van Leiden, mijn studentenstadje.
Toen ik viereneenhalf jaar geleden ging kijken bij een nest puppies in Noord Groningen dacht ik vooraf voor een vrouwtje te gaan, maar mijn kleine kameraad koos voor mij en het werd dus een mannetje.
Ik loop met Paco door het bos. En onregelmatig hoor ik vanuit het struikgewas de kenmerkende kru ku van meneer Fazant.
Schatje, er is stroomstoring.. kan jij...en.. ...
Ik heb een berg van dichtbij bekeken. Nu loop ik al maanden rond als Jack Sparrow op de kade — maar er valt geen schip te commanderen.
Ik wil een bakfiets.
Ik stap de keuken binnen en zie de formica tafel met plastic stoelen. Een stoel bezet en eentje leeg. In het midden een fles whiskey. En Mohamed's vriend Mourad.
de nieuwe ziekte is een stormram
Dat je een rustige dag hebt,
Een jaar geleden zat ik aan mijn bureau en keek uit over de rivier op een druilerige dag.
Im westen nichts neues...
Het is een uur of elf. Geen hout meer op het vuur, geen thee meer in de pot, en alle hoop vervlogen.
Do I look like a good muslim?
Met een schok word ik wakker. Een nachtmerrie.
Laten we iets avontuurlijks doen met vakantie!
Waar ik moeite mee heb is mijn totale gebrek aan besef van tijd. Als ik op de klok kijk is er zo weer een uur voorbij. Een dag. Een maand. Een seizoen.
Het is 1.30 's nachts. Morgen speel ik mijn eerste competitiewedstrijd in 1,5 jaar.
Als je ineens van nul naar drie kinderen gaat in een half jaar is dat best wel een beetje wennen.
Wat is er gebeurd? Waar ben ik beland? Waar is de nooduitgang?
Eindelijk.
Het is niet helemaal stil in mijn kamer.
De hele zomer had ik dingen om naar uit te kijken.
Het goede nieuws. De punctie is volbracht.
Misschien een half uur na mijn post over mijn aankomende punctie kreeg ik een berichtje van eerder genoemde romance.
Ik heb er niet zo veel zin in.
Zo voelt dat dus. Hopeloos.
Het lukte even niet, echt leuke dingen bedenken.
Ik zag vandaag een kikker. Ten minste, wanneer is een kikker nog een kikker?
Ik kan best stilzitten. Als ik een boek lees vergeet ik de wereld. Maar zet sport op tv en ik beweeg van links naar rechts alsof ik zelf op het veld sta.
De nacht brengt zwart en regen samen. Mijn reflectie in de ramen.
Eigenlijk moet ik nu in een tent liggen. De regen die op het zeil tikt, het onweer dat losbarst. De angst die contrasteert tegen de knusheid van een tent.
Drie weken geleden lag ik stoned en gekatheterd in het ziekenhuis. Televisie kijken was te intensief. Dus speelde ik met mijn telefoon.