Een regenachtige loop door duingebied
Waar honds gedol en kinderlach
Strijdt tegen het wolks verdriet
En het maakt tot een perfecte dag

Thuis wacht de dampende thee
En de haard knabbelt aan zijn houtjes
Komen we knussig bij mijn oude oudjes
En nemen wat verhalen mee.

In de avond dineren we aan het strand
Het is de hele wereld waard.
Negenenzeventig schrijven we in het zand

Dan mijn pa die naar het water staart
En ons wijst lachend met zijn oude hand
Kijk een schip dat schijnt ter hemel vaart